Skip to content

papaplu

Het was een druilerige zondag. We liepen samen door de regen, ons dochtertje en ik. Zij met haar kleine Jip en Janneke paraplu en ik met eentje van gezinsformaat. Afgeleid door waterplassen en eendjes in de vijver hield ze haar paraplu maar zelden zinvol omhoog. Maar dat was geen probleem, die van mij gaf dekking genoeg voor twee. Even later, toen de voldoening van ikkezelf begon te tanen, mocht ik die van haar ook vasthouden. Daar liepen we dan, zij met haar laarsjes in twee plassen tegelijk en ik met een paraplu in elke hand. Een prachtig beeld van hoe ik God heb leren kennen, het afgelopen jaar.

God begon zijn wandeling met de zijn volk in Genesis 12, toen Hij Abram (later Abraham) wegzond uit zijn geboorteland. Hij beloofde Abram grondgebied voor zijn nageslacht (Gen. 13:14-17), en een zoon (Gen. 15:2-5). Deze beloften bekrachtigde God met een eenzijdig verbond (Gen. 15:8-18). Er werd niets van Abram verwacht of geëist (hij sliep toen God het verbond sloot) en er was geen ontbindende clausule die God de mogelijkheid zou geven onder de afspraak uit te komen. Dit was de gezinsparaplu, als het ware – door God geheven en met dekking voor twee.

Later maakte God een nieuwe afspraak met het volk Israël dat uit Abraham voortgekomen was: de wet. Hierin werd veel van het volk verlangd, en het karakter van deze afspraak was voorwaardelijk. Houd je aan de regels, en het zal je goed gaan. Ga je rebelleren, dan zul je dat bezuren (Ex. 19:5,6). Het volk sliep niet tijdens de sluiting van dit verbond, nee, het zei zelfs volmondig: Ja, wij zullen al deze dingen doen (Ex. 19:8). Dit is de Jip en Janneke paraplu, zeg maar. De bescherming ervan is geheel afhankelijk van degene die ‘m hanteert. Doe je het goed, dan word je niet nat. Geen van de consequenties die God noemt bij het verwerpen van de wet is echter het terugnemen van de eerste belofte. Deze blijft staan, en God is het aan Zichzelf verplicht om ‘m te houden.

Tot zover niet veel nieuws, dit wist ik al. De schittering zit in het slot van de wandeling, namelijk het deel waar blijkt dat het pas aangenaam droog blijft wanneer Papa beide paraplu’s hanteert. Dit is precies wat ik ben gaan inzien. Pas wanneer God het overneemt, en de wet in de harten van Zijn volk schrijft, zullen ze aan de regels kunnen voldoen. Het was niet een mogelijkheid dat het volk Israël zou falen en de consequenties ondergaan. Het was onmogelijk niet te falen (Rom. 5:20 SV – let op het woord ‘opdat’). In het laatst van zijn leven liet God aan Mozes doorschemeren wat er moest gebeuren (Deut. 30:1-6 – de ‘wanneer’ uit deze verzen is niet een ‘als’ – zie de weergave van de Statenvertaling). Het volk zou falen, het zou verstrooid raken. Maar God zal hun harten besnijden, wegnemen wat verhindert dat ze Hem zullen liefhebben met geheel hun hart. Het houden van de voorwaardelijke afspraken blijkt ook bij de gratie van Gods ingrijpen.

Ook ons, de heidenvolken aan wie de wet niet is gegeven, heeft God een een Jip en Janneke paraplu overhandigd. We worden gevraagd te belijden dat Jezus Heer is, en te geloven dat God Hem uit de dood heeft doen opstaan (Rom. 10:9). Maar ook in Zijn wandeling met ons hanteert God een gezinsformaat regenscherm, namelijk de belofte dat aan het eind der eeuwen iedereen niet meer nat zal gaan (1 Tim. 2:5-6, Rom. 5:18, 1 Tim. 4:10). En ook wij worden ingefluisterd dat het uiteindelijk God Zelf is, die het geloof geeft dat Hij van ons verlangt (Ef. 2:8,9). Hij wist aan het begin van de wandeling al lang dat Hij uiteindelijk beide paraplu’s zal moeten hanteren (Jes. 46:10). Kennelijk ligt de rijkdom voor ons niet louter in het resultaat, maar ook in de route. Anders had God de harten van de Israëlieten wel meteen besneden of ons allemaal nu al doen geloven.

Zo zie je maar, zelfs in de regen schemert Zijn zegen. Voor wie het ziet is het nu al een bron van vreugde en voldoening. Aan het eind komt het goed! Maar, het komt pas goed als God het doet, of vrij naar het gezegde: “wie God doet, God ontmoet”.

reageer