Skip to content

voel je vrij

Alleen al met de Van Dale in de hand is het verhipt lastig om zonder blozen te beweren dat jouw of mijn wil vrij is in de diepste zin van de betekenis. Ik ga je in de komende artikelen laten zien dat de bijbel ons dit jasje eveneens niet aanmeet. En bovendien hoop ik je te helpen zien dat dat geen gemis maar juist een geruststelling is.

Nee, een volledig vrije wil is ons mensen niet gegeven. Nergens in de bijbel is sprake van een volledig onbeïnvloed handelen van mens (of dier). Naast de invloed van geboorteland en genenpakket kent de bijbel talloze voorbeelden van directe inmenging van de Allerhoogste. Zal iemand durven beweren dat Judas vanuit vrije wil Jezus verried (Luk. 22:3, Joh. 13:2)? Wellicht heeft hij keuzes gemaakt in zijn leven die de invaring van Satan hadden ingeleid, maar dat neemt niet weg dat zijn wil niet vrij was op het moment dat hij Jezus uitleverde. Of Farao, toen Mozes hem tienmaal vroeg het volk te laten gaan, verkoos hij zelf om te weigeren (Ex. 7-11)? Zeker de laatste keren was het God die hem ertoe bewoog om te volharden in zijn onwilligheid.

Lees ook eens het verhaal van de hooghartige Sanherib, de heerser van Assur, die de God van Israël hoonde bij monde van zijn maarschalk (2 Kon. 18,19). Jesaja liet de toenmalige koning van Juda, Hizkia, weten hoe God over deze Sanherib denkt:

Wie hebt gij gehoond en gelasterd, en tegen wie de stem verheven en uw ogen trots opgeslagen? Tegen de Heilige Israëls! Door uw gezanten hebt gij de HERE gehoond en gezegd: met de menigte mijner wagens bestijg ik de hoogten der bergen, tot ver in de Libanon; ik vel zijn statige ceders, de keur zijner cypressen; ik dring door zelfs tot zijn verste schuilplaats, zijn weelderig woud. Ik graaf en drink water in den vreemde; ik leg met mijn voetzool alle Nijlarmen van Egypte droog. Hebt gij het dan niet gehoord, dat Ik het van overlang bereid en van de dagen van ouds vorm gegeven heb? Nu heb Ik het doen komen: gij moest de versterkte steden verwoesten tot puinhopen; – 2 Kon. 19:22-25

God had de gruweldaden van Sanherib, zijn oorlogen en plunderingen, al ver van tevoren voorbereid! Hij koos niet zelf – onbeïnvloed – om eens flink op strooptocht te gaan. In Jesaja lezen we dat God nog meer te zeggen had over Assur:

Wee Assur, die de roede van mijn toorn is en in welks hand mijn gramschap is als een stok. Tegen een godvergeten volk zal Ik (die koning) zenden, en tegen de natie waarover Ik verbolgen ben, zal Ik hem ontbieden om buit te behalen en roof te plegen en om het volk te vertrappen als slijk der straten. Doch hij zelf bedoelt dit niet zó en zijn hart beraamt het niet zó, want hij heeft in de zin te verdelgen en talloze volken uit te roeien. – Jes. 10: 5-7

Dus de geschiedenis, zoals Hizkia en het volk van Juda haar ontvouwd zagen worden, was voor God niet onbekend. God had Assur zelf gezonden. Maar in deze passage zie je ook de moeilijkheid in deze materie: we voelen Gods hand niet wanneer Hij alles beweegt. De koning van Assur dacht wel dat hij zelf wilde verdelgen, maar God gaf hem die wil.

De Joden leken ten diepste wel te beseffen hoe God alle gebeurtenissen bestuurt – zelfs de slechte – getuige de volgende passage uit Jesaja. Ze klaagden God aan voor hun eigen koppigheid.

Waarom liet Gij ons afdwalen, HERE, van uw wegen, verharddet Gij ons hart, zodat wij U niet vreesden? Keer weder ter wille van uw knechten, de stammen van uw erfdeel. – Jes. 63:17

Je ziet dat God nogal duidelijk aan het roer staat, in ieder geval als het gaat om het volk van God. Ja, maar dat is dan ook een apart volkje, door God geselecteerd en kennelijk ook gedirigeerd, zul je wellicht denken. Dat wil nog niet zeggen dat alle mensen op deze wijze door God worden beïnvloed! Laat ik je dan de volgende tekstplaatsen eens tonen:

Zijt gij voor Mij niet gelijk aan de kinderen der Ethiopiërs, o kinderen Israëls? luidt het woord des HEREN. Heb Ik Israël niet uit het land Egypte gevoerd en de Filistijnen uit Kaftor en de Arameeërs uit Kir? – Amos 9:7

Dus al zijn de andere volkeren niet door God uitverkoren om Zijn volk te zijn, dat wil niet zeggen dat Hij ze niet leidt, net als de Israëlieten. Aan Israël werd gegeven deze God te kennen, maar dat betekende niet dat de andere volken zomaar hun gang konden gaan. Dat Gods invloed alle volken en natiën omvat blijkt ook uit de volgende passage:

En de HERE der heerscharen zal op deze berg voor alle volken een feestmaal van vette spijzen aanrichten, een feestmaal van belegen wijnen: van mergrijke, vette spijzen, van gezuiverde, belegen wijnen. En Hij zal op deze berg de sluier vernietigen, die alle natiën omsluiert, en de bedekking, waarmede alle volken bedekt zijn. – Jes. 25:6,7

Ik hoop dat je begint te begrijpen dat de term ‘vrije wil’ zoals wij die doorgaans gebruiken niet klopt – althans, dat wij hem niet bezitten. Want ook de wil (Fil. 2:13), ja álles komt van God (Ef. 1:11). We voelen ons wel vrij, en per bovengenoemde tekstplaatsen is zelfs dat gevoel ons gegeven – en dus zo bedoeld. We leven ons leven grotendeels onbewust van Gods bestuur, en leren de lessen die het leven ons te bieden heeft. Maar om de verhoudingen niet uit het oog te verliezen is het goed om je zo nu en dan te realiseren dat God het is in wie wij leven, bewegen en zijn (Hand. 17:28).

Als er iemand kan claimen een volledig vrije wil te bezitten, dan is het God – die alles doet waar Hij zin in heeft. Of in bijbelse bewoordingen: “die al Zijn welbehagen doet” (Jes. 46:10).

<< vorige volgende >>
reageer